Kostelijk wonen


Onderzoekers, sociaal werkers, verstrekkers van woonleningen zijn het er over eens dat je woonkost best niet hoger is dan één derde van je inkomen.

Woonkost wordt echter niet enkel bepaald door het bedrag dat je betaalt aan huur of lening. Om een reëel beeld te krijgen van wat wonen kost, moet je de kosten aan nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, water) mee in rekening brengen. Of een woning betaalbaar is, is dus afhankelijk van het inkomen van een gezin en de staat van de woning. Een goed geïsoleerde woning kan in huurprijs iets duurder zijn dan een slecht geïsoleerde, en toch nog betaalbaar zijn.

Het wordt stilaan voor iedereen lastig om een betaalbare woning te vinden. Zelfs hardwerkende tweeverdieners hebben het moeilijk. 

Het gebrekkige aanbod zorgt ervoor dat eigenaars heel kieskeurig kunnen zijn. Een situatie die discriminatie en favoritisme in de hand werkt. Malafide figuren buiten de situatie uit door veel te veel geld te vragen voor krotten, door zich niet aan de huurwetgeving te houden en/of kwetsbare mensen te intimideren en te verhinderen voor hun rechten op te komen.

 Via deze actie willen wij in eerste instantie opkomen voor de meest kwetsbare mensen in onze maatschappij. We ijveren bijgevolg voor een drastische verhoging van het aantal woningen in het goedkoopste segment. 

Alleenstaanden met een leefloon ontvangen maandelijks 850,39€ . Voor hen kost een  woning inclusief nutsvoorzieningen dus best niet meer dan 284€.

Samenwonenden met leefloon ontvangen 1133,85€. Voor hen betekent dit dat de woninglast bij voorkeur niet hoger is  378€.

De exacte inkomsten van mensen met andere sociale uitkeringen hangen af van heel wat variabelen (gezinssamenstelling, verworven rechten, aard van de uitkering... ). Veel werkenden verdienen vaak amper meer dan iemand met een uitkering en kunnen bovendien van minder sociale voordelen genieten. Bijgevolg zijn er een pak mensen op zoek naar een woningen tussen  de 400€ en 500€.

Alleenstaande ouders en grote gezinnen vinden ook steeds minder hun gading in het huidige aanbod.

 

De gevolgen van te dure en/of niet-kwalitatieve woningen leiden hulpverleners af van hun primaire opdracht.

Sociale huisvestingsmaatschappijen en sociale verhuurkantoren doen hun best om tegemoet te komen aan de noden van veel mensen. Verouderd patrimonium, wachtlijsten en administratieve verplichtingen die met een inschrijving gepaard gaan, zorgen er echter voor dat dit voor velen geen optie is.

 

Ondertussen worden er overal te lande (vrijwillige) buddy's klaargestoomd en ondersteund om (kwetsbare) mensen te helpen in hun frustrerende zoektocht.

Alle tijd, energie en middelen die door hulpverleners gespendeerd wordt in de zoektocht naar een geschikte woning gaat ten koste van de zorg en van het empoweren van kwetsbare mensen. 

De gebrekkige woonkwaliteit leidt tot gezondheidsproblemen en jaagt de kosten in de gezondheidszorg omhoog.

Te dure woningen zorgen voor een overbevraging van budgetbegeleiders. Wanbetalingen leiden op hun beurt tot hoge kosten voor ons justitieapparaat. Dit alles leidt zowel bij de meest kwetsbare mensen als bij zij die hen ondersteunen al te vaak tot stress en burnout.

Hoewel mensen met een vervangingsinkomen maatschappelijk vaak bekeken worden als profiteurs, zijn het uiteindelijk vooral huiseigenaars die een groot deel van de sociale zekerheid opstrijken.

Goedbedoelde reglementen en wetten die de kwaliteit van verhuurde woningen moeten bewaken, duwen jammer genoeg de prijzen omhoog of zorgen ervoor dat renovaties op zich laten wachten.